Zwartkopmeeuw (Larus melanocephalus)

De zwartkopmeeuw (Ichthyaetus melanocephalus synoniem: Larus melanocephalus) is een vogel uit de familie van de meeuwen (Laridae). Tot voor kort werd de soort bij het geslacht Larus ingedeeld, maar aan de hand van onderzoek aan mitochondriaal DNA is gebleken dat dit niet correct is.

Wetenschappelijke naam

De naam van de soort werd in 1820 voor het eerst gepubliceerd als Larus melanocephalus door Coenraad Jacob Temminck. In het epitheton melanocephalus betekent "melanos" zwart en "cephalus" is Oudgrieks voor hoofd of kop.

Kenmerken

De vogel is 37 tot 40 cm lang en heeft een spanwijdte van 94 tot 102 cm. Deze meeuw lijkt oppervlakkig op de kokmeeuw, waarmee hij vaak samen te zien is, maar de kopkap is pikzwart en loopt verder door in de nek, de handpennen zijn geheel doorschijnend wit en de snavel is rood. Ook de dwergmeeuw heeft in de broedtijd een zwarte kop, maar deze meeuw is kleiner dan de zwartkopmeeuw en heeft donkere ondervleugels.

Voorkomen en leefgebied

De zwartkopmeeuw broedt vooral aan de kusten van de Zwarte Zee in Oekraïne en verder westwaarts in West-Europa, maar daar heeft deze meeuw een sterk verbrokkeld verspreidingsgebied. Hij is veel zeldzamer dan de kokmeeuw, waarmee vaak in dezelfde kolonies wordt gebroed.

Voorkomen in de Lage Landen

Deze vogel broedt pas sinds de 20e eeuw in Nederland. Aanvankelijk was het een zeldzame en onregelmatige broedvogel, maar sinds 1980 is het aantal sterk gestegen tot meer dan 1400 broedparen in 2011, die zich vooral op de Zeeuwse en Zuid-Hollandse eilanden concentreren

Status

De grootte van de populatie is niet gekwantificeerd. Men veronderstelt dat de soort in aantal stabiel is. Om deze redenen staat de zwartkopmeeuw als niet bedreigd op de Rode Lijst van de IUCN.

foto:Mihai Baciu